donderdag 17 augustus 2017

Test uw vooroordelen!

“Luidruchtig in gesprekken. Wat hij aan argumenten tekortkomt, maakt hij goed met stevige beloften”.
Na zijn nominatie haalden de handlangers van de macht in Washington hun neus voor hem op.
“Moge de plattelandslaadstokken (maar ook figuurlijk bedoeld ‘de bullebakken’) het kruit van de gelijkheid in onze nationale kanonnen stampen en samen met de stem van het volk de tegenstander omverblazen”.
Vechten en zich op geweld beroemen was niet ongebruikelijk in de kringen van zijn aanhangers. “Als ik word gekozen, zal je de regering herkennen aan de afdruk van deze vijf knokkels”.
Met zijn komst werd bluffen gebruikelijk.
Op wie slaat dit?  Je zou zeggen dat dit allemaal uitspraken zijn van of over Donald J. Trump, maar dat is niet zo. Het gaat hier over Andrew Jackson, president van de Verenigde Staten van 1828 tot 1836. Man van het volk, afkomstig van Tennessee. Ik kwam ze tegen in White Trash van Nancy Isenberg, een boeiend boek over hoe vanaf de start van Amerika tegen de onderklasse aan werd gekeken. Ondanks fraaie uitspraken als “All men are equal” van Tomas Jefferson, was ook hij al van mening dat er een bepaalde laag in de samenleving was, die hij liever kwijt dan rijk was. Elke president kiest drie portretten van voorgangers uit om in de Oval Office te laten hangen. Trump heeft bij die drie wel Andrew Jackson uitgekozen!

Unamerican?
Na de onlusten in Charlottesville kwamen verschillende politici met uitspraken dat wat daar was gebeurd ‘deeply unamerican’ was. Dat staat nog te bezien – dat ‘deeply’- , maar het is aanzienlijk beter dan wat Donald zei. Eerst zegt hij wat hij denkt en daar word je – en ook de meerderheid van de Amerikanen gelukkig! – niet vrolijk van. Dan wordt op hem ingepraat en wordt er door leden van zijn staf een nieuwe toespraak voor hem geschreven. Hij veroordeelt nu netjes het geweld van neonazi’s, leden van de KKK e.a. Hij zegt dat het in strijd is met alle waarden waar Amerika voor staat. Hij heeft het over “unite the country” en dat “we must love each other”. Kort daarna begint hij tegen leden van zijn inner circle te fulmineren over de wijze waarop hij door de pers is behandeld. Bij de volgende persconferentie vliegt hij uit de bocht. Het moment was bedoeld voor de aankondiging van bepaalde belangrijke projecten op het gebied van de infrastructuur, maar Donald verklaart nu dat ook aan rechterzijde in Charlottesville “very, very fine people’ deelnamen. Leden van zijn staf staan er met neergebogen hoofd bij.

Tot slot

Een politicus die stemmen kwam werven, steeg af van zijn paard en greep de viool van iemand uit zijn gehoor om te laten zien “that he could play his music” en dus net zo gewoon was zij. Na de verkiezing keerde de politicus terug naar zijn fraaie woning en veranderde er in het leven van de ‘gewone man’ niets.

vrijdag 4 augustus 2017

Eendracht maakt macht!
Vorige week heeft de Senaat diverse pogingen gedaan om Obamacare te herroepen. Al deze voorstellen werden verworpen, in de spannendste variant met 51 tegen 48 stemmen. Daar valt wel wat over te zeggen. Ten eerste is het opvallend dat ook heel veel Republikeinse senatoren soms nog geen dag vooraf wisten wat het voorstel zou inhouden, waar zij voor of tegen konden stemmen. Ten tweede is het opvallend dat  - omdat deze wetsvoorstellen zo kort vooraf pas werden gepubliceerd – er geen besprekingen en hoorzittingen met experts in de relevante commissie(s) werden gehouden en er geen doorrekeningen van de kosten van een onafhankelijk overheidsbureau op tafel lagen. Gebruikelijk is dat een wetsontwerp in het openbaar in een commissie wordt besproken; daarbij worden deskundigen gehoord, stellen de leden hun vragen, uiteindelijk stemt de commissie en daarna komt het aan de orde in de voltallige Senaatsvergadering.

Polarisering
Niets van dit alles dit keer. In het diepste geheim – zelfs voor veel leden van de eigen Republikeinse partij - werden zaken voorbereid. De senatoren van de andere partij werden er helemaal buitengehouden. De Senaat is zo gepolariseerd dat men als een blok dient te stemmen en dat een paar afvalligen dus het resultaat kunnen bepalen. Zou men vroeger gestreefd hebben naar een breed gedragen voorstel, nu is zelfs 50-50 voldoende voor de Republikeinse diehards, want in zo’n geval geeft hun vicepresident de doorslag. Normaliter zit hij alleen voor en stemt niet mee, maar bij 50-50 geeft zijn stem de doorslag. Een aantal jaren geleden was dat nog anders. De benoeming van Hillary Clinton tot minister van Buitenlandse zaken werd in 2008 met meer dan negentig (!) stemmen door de Senaat bekrachtigd. Daarna is het klimaat grondig verziekt. Door de Republikeinse meerderheid aangenomen wetten werden door president Obama met een veto getroffen en voorstellen van Obama werden door de Republikeinen geblokkeerd, niet aanvaard. Tegen Obamacare – toch door het Huis van Afgevaardigden en de Senaat aanvaard – werd door sommige Republikeinen daarna een procedure tot aan het Hooggerechtshof aangespannen.

De jaren vijftig
Hoe anders ging dat in de jaren vijftig van de vorige eeuw! In schril contrast met de situatie van nu was er een brede consensus over hoe het met Amerika verder moest. De Republikeinse president Eisenhower deed na 1952 geen poging de vernieuwingen van Roosevelt (New Deal) en Truman (Fair Deal) op het gebied van social security terug te draaien. In de Senaat beschikten de Democraten vanaf 1954 over de meerderheid. Dat betekende dat ze in alle commissies de voorzitters leverden. Je zou denken dat ze hun voorstellen er in hoog tempo doorheen zouden kunnen jagen. De Democraten waren echter een verdeelde club. Een flink aantal van hen de zg. Dixiecrats kwam uit het Zuiden (Alabama,Texas, Mississippi enz.). Zij waren het op b.v. het gebied van arbeidsrecht, minimumloon en natuurlijk de rechten van de zwarte Amerikanen vaak fundamenteel oneens met hun partijgenoten uit het Noordoosten.

Lyndon Johnson

De leider van de democratische meerderheid, Lyndon Johnson, moest regelmatig gelegenheidscoalities smeden b.v. van Democratische senatoren minus de zuidelijke samen met een groep gematigde Republikeinse. Dat hij die kunst beheerste laat Robert Caro heel interessant met tal van voorbeelden zien in Master of the Senate, deel drie van zijn inmiddels vierdelige biografie van Johnson. Daarvoor moet je goed weten hoe je collega’s over kwesties denken en of ze over te halen zijn tot een bepaald standpunt. Misschien blijven ze tegen, maar willen ze bij de beslissende stemming wel niet op komen dagen. Dat helpt ook. Soms kun je ze ook paaien door te zeggen “Als jij nu dit keer voor mijn voorstel stemt, zorg ik ervoor, dat wij straks voor die grote dam in jouw staat stemmen”. Dat heet politiek bedrijven. Je pappenheimers kennen is belangrijk, interesse tonen in hun persoonlijke wederwaardigheden ook en ja, soms helpt zwaaien met de geldbuidel ook. Natuurlijk was dat een andere tijd: niet alles kwam op tv, minder tv-zenders, geen internet en Facebook waardoor wat je zegt en hoe je stemt korte tijd later op het internet staat. Het zou goed zijn als iets van die oude sfeer van samenwerking tussen beide partijen weer wat terug zou komen.

vrijdag 21 juli 2017

Onvermoede overeenkomsten!
In zijn interessante boek De Verenigde Staten in de twintigste eeuw beveelt Maarten van Rossum zijn lezers The Kennedy Imprisonment van Garry Wills aan. Kernthema van dit boek is, dat vader Joe Kennedy een machine bouwde, waarin de zonen en de dochters, de schoonzonen en journalisten, die tot vrienden van de familie werden gemaakt, allemaal meehielpen om er een ’Golden Family’ van te maken. John Kennedy profiteerde van die glans en goede reputatie en zijn broer Robert op zijn beurt van diens nagedachtenis. Robert was de broer die het werk van de te vroeg gestorven president zou voltooien. Tegen de tijd dat de laatst overgebleven broer in 1980 een gooi naar het presidentschap deed, was de magie uitgewerkt en zelfs ballast geworden. Edward werd steeds vergeleken met zijn grote voorbeelden John en Robert en kon alleen maar tegenvallen. Journalisten van wie gebleken was dat ze zich veel te kritiekloos en bewonderend hadden opgesteld tegen John en Robert, wilden hun reputatie herstellen en keken extra kritisch naar Edward.

Garry Wills
Garry Wills heeft over een grote reeks onderwerpen geschreven. Beroemd is zijn Inventing America, waarin hij nagaat wat de opstellers van de Declaration of Independence eigenlijk bedoelden. Daarvoor duikt hij diep in de ideeën van de politieke denkers van de Verlichting. Beroemd is hij ook om Lincoln at Gettysburg, waarin hij uitgebreid ingaat op de omstandigheden waaronder Lincoln zijn toespraak hield. Bovendien analyseert hij de redevoering zelf – een keerpunt in het denken over slavernij in Amerika – heel nauwkeurig. Zo kan ik er nog wel een paar noemen b.v. Nixon Agonistes en Reagan’s America, Innocents at Home.

The fluid presidency
Terug naar het eerdergenoemde boek van Wills The Kennedy Imprisonment. In hoofdstuk 13 gaat hij in op de regeerstijl van Kennedy. JFK was in 1960 erg onder de indruk van het boek Presidential Power van Richard Neustadt. Deze professor betoogde dat beleid en beslissingen niet voorbereid moeten worden door vaste groepen, organen en departementen, maar door wisselende commissies speciaal voor dat doel bij elkaar geroepen. Deze groepen nemen geen besluiten, maar komen met hun voorstellen bij de president en deze beslist. Neustadt noemde dat ‘the fluid presidency’: alle draden komen bijeen bij de president.

Bestrijd je eigen regering!

Kennedy was dus van plan snel en met op maat gesneden groepen te regeren. Ad hoc commissies werden gevormd door voornamelijk leden van de staf van het Witte Huis. Van het departement van Buitenlandse Zaken b.v. had hij geen hoge dunk. Als je die lieden wat vroeg, duurde het weken voor je antwoord kreeg. Kennedy was zijn eigen minister van Buitenlandse Zaken en MacGeorge Bundy de aanjager van voorstellen op dit gebied. MacNamara had vooral tot taak om de generaals te temmen en het geldverslindende defensieapparaat onder controle te krijgen … en nu komt opeens Donald J. Trump in beeld! Zijn minister van Buitenlandse Zaken Rex Tillerson negeert een groot deel van zijn zittende ambtenaren, is met een forse besparing bezig – sommige afdelingen b.v. over mensenrechten zijn flink uitgedund – en maakt geen haast met zijn benoemingen. Trump heeft op alle ministeries mannetjes of vrouwtjes benoemd, die zijn ogen en oren vormen. Ze moeten de minister in de gaten houden en dagelijks rapporteren of er op het ministerie wel gebeurt wat de president wil. De baas van de FBI heeft hij al ontslagen, hij heeft met zowat alle andere inlichtingendiensten ruzie en zijn minister van Justitie is hij deze week openlijk afgevallen Sinds Kennedy hebben veel presidenten beloofd dat zij na hun verkiezing de boel daar in Washington wel eens flink zouden opschudden, Trump doet het. Waarom ook niet? In het zittend ambtelijk apparaat heeft hij weinig vrienden.

vrijdag 7 juli 2017

Een goed voorbereid mens telt voor twee!
Trump en Poetin zullen elkaar vandaag in Hamburg in de marge van de G20-top ontmoeten. Volgens zijn veiligheidsadviseur, generaal H.R. McMaster, heeft de president ‘geen specifieke agenda’. “Waar de president het over wil hebben, dat wordt het.”
Dat klinkt niet goed. Op 1 mei 1960 werd de Amerikaan Gary Powers in zijn spionagevliegtuig boven Rusland neergeschoten. Chroesjtsjow onthulde dat met een goed gevoel voor timing enige tijd later. Op de top van de grote Vijf in Parijs daarna eiste hij excuses van Eisenhower. Toen deze daar niet toe bereid bleek, ging de top als een nachtkaars uit. De les was: als er geen goed voorwerk gedaan is, als je het niet over een paar zaken met elkaar eens bent of als er niets te ondertekenen valt, kom dan niet bij elkaar.

Wenen 1961
Chroesjtsjow wilde John Kennedy graag ontmoeten en Kennedy ging op de uitnodiging in. Bij zijn vertrek naar Europa citeerde hij William Lloyd Garrison, een abolitionist: “I am in earnest, I will not equivocate, I will not excuse, I will not retreat a single inch and I will be heard!” Na een succesvol bezoek aan de Gaulle in Parijs – met een echtgenote die vloeiend Frans sprak! – was het zo ver. Het eerste topoverleg vond plaats in de residentie van de Amerikaanse ambassadeur in Oostenrijk. Beide leiders hadden hun belangrijkste medewerkers meegenomen: aan Amerikaanse zijde Rusk, Thompson, Bohlen en Kohler, aan Russiche zijde Gromyko, Menshikov en Dobrynin.
Kennedy was geen partij voor de sluwe vos Chroesjtsjow. In de communistische partij moest je om carrière te maken in die tijd meedogenlozer en handiger zijn dan anderen. Wat ze allemaal beheersten was redeneren op basis van het marxisme-leninisme; de grote jongens hadden zelfs de hogere partijschool in Moskou doorlopen. Kennedy daarentegen was zo ver gekomen, omdat hij een goed verkoopproduct was (jong, knap, knappe echtgenote, sportief, oorlogsheld). Zijn vader financierde zijn campagnes met heel veel geld en politieke handigheidjes. Een voorbeeld daarvan: JFK’s eerste campagne ging om een zetel in het Huis van Afgevaardigden in 1946. Pa Kennedy gooide er 250.000 dollar tegenaan – tienmaal  het gemiddelde bedrag voor een dergelijke campagne in die tijd - en splitste de stemmen voor een belangrijke tegenkandidaat door een man met dezelfde naam tegen betaling op een lijst te zetten.
Al snel in de eerste ontmoeting raakte Kennedy in het defensief. Hij wilde het risico van een kernoorlog tussen de beide grootmachten uitsluiten en stelde daarom voor de machtsbalans en de verdeling van de wereld in invloedssferen wederzijds te accepteren. Chroesjtsjow vroeg hem of hij zo een dam wou opwerpen tegen de ontwikkeling van de menselijke geest. Beide systemen zouden volgens hem moeten concurreren en het beste systeem zou winnen. Zo kwam Kennedy in de positie van de leider die traditionele invloedssferen, kolonialisme en dictaturen zoals Spanje en Portugal verdedigde, terwijl de man tegenover hem zich voor revolutie (b.v. Castro!) en verandering uitsprak. Kennedy kwam na een uur bleek naar buiten; zijn adviseurs die er zwijgend bij hadden gezeten waren geschokt, dat hij zich zo door zijn tegenstander in de hoek had laten drijven.

Londen
Op weg naar huis deed hij Londen aan deels om privé redenen: de doop van het eerste kind van de zuster van Jackie. Het officiële deel bestond uit een diner met koningin Elizabeth en een gesprek over de top in Wenen met Harold MacMillan, de Britse premier. Deze zag aan zijn gast, dat hij niet in de stemming was voor het geplande overleg met een dozijn adviseurs aan beide zijden van de vergadertafel. Dus werd het een gesprek tussen beide regeringsleiders alleen met een paar sandwiches en wat whisky. MacMillan omschreef zijn gast als ‘verbluft en verbijsterd, overweldigd door de meedogenloosheid en barbaarsheid van Chroesjtsjow.’

Kennedy klaagde zelfs over de manier waarop de pers in Wenen had geschreven over Jackie: ‘Hoe zou jij reageren als iemand zou zeggen: “Lady Dorothy (MacMillans echtgenote) is een zuipschuit?”.’  MacMillan antwoordde: ‘Ik zou zeggen: “Je had haar moeder moeten zien!”.’

woensdag 21 juni 2017

De kracht van foto’s
Harper Lee had in 1960 To Kill a Mockingbird gepubliceerd en er in 1961 de Pulitzer Prijs voor gekregen. Daarna was het lang stil gebleven. Nu in 2015 zou er een tweede boek verschijnen Go set a Watchman. Een boek trouwens dat zij als eerste had geschreven, maar dat heel lang op de plank had gelegen. Ik had wel de filmbewerking van To Kill a Mockingbird met Gregory Peck in de hoofdrol gezien, maar het boek zelf nog nooit gelezen. Met het oude en nieuwe boek ging ik in de zomer van 2015 op vakantie en ik raakte diep onder de indruk van het eerste boek. De vader Atticus Finch neemt de verdediging van een neger op zich. Waarom? Omdat hij vindt dat hij dat als fatsoenlijk man moet doen. Ook zwarte bewoners van Amerika in het Zuiden hebben recht op een eerlijk proces. Het tweede boek vond ik een teleurstelling. Niet alleen omdat ze grote delen uit het eerste boek herhaalt, maar vooral omdat het veel losse eindjes bevat. Zo scherp als het eerste  boek de lezer dwingt de strekking van het boek te erkennen, zo diffuus blijft de strekking van haar tweede boek. Tegen het einde van het boek blijkt de vader nu zoveel jaren later – zijn dochter woont en werkt in New York en is voor de zomer naar haar geboortestadje teruggekeerd –  een racist met banden met de Ku Klux Klan.

Het leven in de ‘Deep South’
Op zaterdag 10 juni stond er in De Volkskrant een artikel over een tentoonstelling in Foam in Amsterdam van de foto’s van de Amerikaanse fotograaf Gordon Parks. Hij werd in 1956 door het fototijdschrift Life naar de ‘Deep South’ gestuurd. Hij legde het leven vast van vier generaties van de familie Thornton, die in en rond Mobile, Alabama en Nashville, Tennessee leefden. Hij nam foto’s van het dagelijks leven: winkelen, uitgaan enz. Op het eerste gezicht lijken het ‘gewone’ foto’s. Moeder en dochter, mooi gekleed, staan voor een winkel. Als je beter kijkt, zie je details die wel degelijk het verschil maken. Dan valt je plotseling op, dat boven hun hoofd een groot neonbord hangt met in rode letters ’colored entrance’. De zesentwintig foto’s verschenen in het septembernummer van Life. In de jaren vijftig was de fotojournalistiek veel meer dan de televisie opiniebepalend. Pas in de jaren zestig werd de televisie het snelle medium waarop je ’s avonds kon zien wat er die dag gebeurd was.

Blank en Zwart

In het begeleidend stuk van Robert Wallace bij de foto’s werd Allie Lee Causee, een dochter van Thornton, geciteerd: “Integration is the only way through which Negroes receive justice”. Haar familie werd na de publicatie belaagd, zij werd ontslagen als lerares, haar man verloor zijn truck. De familie moest de stad verlaten. In december 1956 keerde Life nog eens terug naar Mobile terug en sprak o. a. met J.T. Allen, eigenaar van een winkel en al dertig jaar voorzitter van het schoolbestuur. Je moet ze ook geen gelijkheid geven, zei Allen. “Ze verwachten het niet en weten niet wat ze ermee zouden moeten doen”. Laat dat nou ook ongeveer de mening zijn van de – in het eerste boek als moreel hoogstaand figuur geportretteerde - Atticus Finch in het tweede boek van Harper Lee. In een gesprek met zijn dochter zegt hij: “Wil je negers in grote hoeveelheden in onze scholen en in onze kerken en theaters? Wil je ze in onze wereld?“ President Eisenhower dacht er niet veel anders over. Toen in 1954 de grote vraag of het onderwijs in het Zuiden geïntegreerd moest worden of niet op het bordje van het Hooggerechtshof kwam, zei hij tegen de nieuwe opperrechter Earl Warren: “Die zuiderlingen zijn geen slechte mensen. Waar ze over inzitten is het idee, dat hun lieve kleine meisjes in een klaslokaal komen te zitten naast van die grote zwarte kerels“.

woensdag 7 juni 2017

De eerste enige echte Amerikanen!
Sommige Amerikanen mogen graag uitpakken over hun land als een – ook in moreel opzicht - bijzonder land, het idee van het ‘American Exceptionalism’, de ‘City upon a shining Hill’ enz. Ze gaan dan voorbij aan b.v. het feit dat de Amerikaanse Burgeroorlog niet alleen een burgeroorlog was, maar ook heel erg veel doden en gewonden kostte. Ze gaan ook voorbij aan het feit dat de wording van Amerika ondenkbaar is zonder de genocide op de oorspronkelijke bewoners, de indianen.
Enige tijd geleden was er in de pers (NRC 5-12-2016) aandacht voor de Sioux indianen die vuurwerk afstaken in hun kamp, omdat het geniekorps van het Amerikaanse leger een vergunning voor een oliepijpleiding nabij hun reservaat had geweigerd. Ze maakten bezwaar tegen die plannen en beriepen zich daarbij op een verdrag met de regering uit 1851. Het gaat om een deel van de 1886 km. lange Dakota Access Pipeline, die loopt van Noord- en Zuid-Dakota via Iowa naar Illinois. Hun vreugdevuren hebben helaas voor hen niet lang gebrand. Rooksignalen uit kringen rond de aanstaande president deden al vermoeden dat hij de beslissing zou gaan terugdraaien en dat heeft hij inmiddels ook gedaan. Wat zijn besluit ook beïnvloed zal hebben is het feit, dat hij aandelen heeft in Energy Transfer Partners, het bedrijf dat de pijplijn wil aanleggen. De indianen hebben overigens ook een klacht ingediend tegen  de sheriffs van twee counties vanwege het gebruik van excessief geweld.
De blanke man spreekt met een dubbele tong!
Het patroon bij dit soort conflicten is steeds hetzelfde. Indianen wonen, leven, jagen op grond die blanken om economische redenen aantrekkelijk vinden. Ondanks beloften, verdragen e.d. trekken de indianen altijd aan het kortste eind.
Dat proces is rond 1790 – als de Amerikanen zich net aan de overheersing uit Londen ontworsteld hebben – al in volle gang. Thomas Jefferson, beroemd president en vertegenwoordiger van de Verlichting, behorend tot de Founding Fathers, was op dit gebied niet beter dan zijn twee voorgangers en vele opvolgers. Indianen worden door ‘landhongerige’ kolonisten verdreven, kolonisten vestigen zich in het gebied, de indianen vertrekken, krijgen een ander deel verder westelijk plechtig toegezegd, totdat het patroon zich jaren later herhaalt. Dat proces wordt aangezwengeld doordat het land in de nieuwe gebieden goedkoper is en eenvoudigweg beschikbaar is en door de verschillen in bewapening tussen indianen en blanken. De bevolkingsgroei in Amerika zelf en de voortdurende instroom van immigranten leidt tot een permanente druk in westelijke richting: “Go West, youngman!”
Zijn er nog indianen over?
Hoe gaat het nu in het algemeen met de indianen in Amerika? Slecht! ‘Native Americans’ - en ‘African Americans’ - maken de meeste kans om het leven te komen door optreden van de politie. Volgens sommige onafhankelijke bronnen zoals bijvoorbeeld de database van Fatal Encounters is het aantal doden door politiegeweld veel hoger dan de officiële cijfers van de overheid. Daar is in de media weinig aandacht voor.
Geld of gebrek daaraan speelt ook hier weer een belangrijke rol. Stammen die in afgelegen landelijke gebieden wonen halen het nieuws niet zo gauw en veel kranten, televisiestations zijn er ook niet. Steden en counties krijgen vaak wel de verantwoordelijkheid voor de gebieden waar de stammen wonen, maar zelden ook het geld dat nodig is om daar wat van te maken. In de beleving van de indianen komt de politie doorgaans om hen lastig te vallen, niet om hen te helpen.

Tot slot dit keer iets positiefs over Donald Trump. Hij heeft Nikki Haley, de gouverneur van South-Carolina, benoemd tot ambassadeur bij de Verenigde Naties. Zij is van indiaanse afkomt.

woensdag 24 mei 2017

Ken uw klassiekers!
In de literatuurwetenschap was intertekstualiteit jaren geleden een hot item. Daarmee werd bedoeld dat alle schrijvers in meer of mindere zin aan elkaar verwant zijn, gebruik maken van, voortborduren op wat ze eerder gelezen hebben, wat hen aansprak of uitdaagde.

De film
Met beelden kun je dat ook hebben, dat je meent een heropvoering van eerdere scenes te zien. Als u The Godfather I hebt gezien, herinnert u zich ongetwijfeld dat na de moordaanslag bij het fruitstalletje Don Corleone in het ziekenhuis wordt opgenomen. Op een avond gaat Michael, zijn jongste zoon, bij hem op bezoek. Het is akelig stil op de gangen. Er is geen personeel, niemand is bij zijn vader. Het begint hem te dagen: dadelijk komt er een ploeg om de moordaanslag af te maken. Met hulp van een nog wel aanwezige zuster rijdt hij zijn vader snel naar een heel andere kamer en belt zijn oudste broer met het verzoek onmiddellijk met een ploeg mannen waaronder Tom Hayden, consigliere en advocaat, te komen. Samen met een ‘clangenoot’ gaat hij vervolgens voor de ingang van het ziekenhuis staan. Beiden hebben hun hand in hun jas gestoken net alsof ze daar een revolver hebben die ze in geval van nood kunnen trekken.

De werkelijkheid
In 2004 wilde president George W. Bush - en met name zijn vicepresident Dick Cheney – het National Security Agency’s Terrorist Surveillance Program voortgezet zien. Nodig daarvoor was dat John Ashcroft, de minister van Justitie tekende, maar deze lag met galblaasklachten in het ziekenhuis. Dus stuurden ze Andrew Card en Alberto Gonzales naar hem toe. Comey, de plaatsvervangend minister van Justitie had zich hevig verzet tegen het plan, omdat het volgens het Departement van Justitie in strijd was met de wet. Hij vreesde dat de ernstig zieke Ashcroft onder druk zou tekenen. Daarom belde hij Bob Mueller, de toenmalige directeur van de FBI. Hij vroeg hem zo snel mogelijk naar het ziekenhuis te komen. Hij vreesde evenwel dat Card en Gonzales met hun Secret Service mensen er eerder zouden zijn. Daarom vroeg hij Mueller de FBI mensen die Ashcroft bewaakten te bellen en hen opdracht te geven dat niemand bij hem toegelaten mocht worden.

De film
Nu die scene aan het einde van de film. De Don is begraven en na de begrafenis zal de strijd beginnen. De andere families zijn erop uit de Corleone clan zijn macht in New York af te nemen. Er zal een uitnodiging komen voor samenwerking en dat is – zo heeft de oude Don voor zijn dood zijn zoon Michael uitgelegd – een valstrik. De man - de Judas - die de uitnodiging overbrengt is de verrader. Als de maffiosi met voorop de machtigste families langs de kist paraderen en Michael, de nieuwe Don hun respect betuigen, buigt Clemenza zich naar hem over om hem de uitnodiging in het oor te fluisteren: ‘the Kiss of Death’.

De werkelijkheid
Kort na de inauguratie ontvangt Trump een groot gezelschap functionarissen die links of rechts betrokken waren geweest bij het garanderen van de veiligheid op die dag. Op een bepaald moment roept hij James Comey naar voren, de man die hij later zal ontslaan. Comey strekt zijn rechter arm zo ver mogelijk uit en probeert de afstand tot de president zo groot mogelijk te houden. Trump geeft hem een hand, trekt hem toch verder naar zich toe en fluistert hem iets in zijn oor.


Wordt vervolgd!